{"id":159,"date":"2026-05-04T17:39:25","date_gmt":"2026-05-04T17:39:25","guid":{"rendered":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/?page_id=159"},"modified":"2026-05-04T18:24:09","modified_gmt":"2026-05-04T18:24:09","slug":"de-oorlogsjaren-van-mijn-vader","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/","title":{"rendered":"De oorlogsjaren van mijn vader."},"content":{"rendered":"\n<p class=\"has-small-font-size\">Dit verhaal is grotendeels gebaseerd op archiefonderzoek. Dit is een aangepaste en bijgewerkte versie (2023). De oude, uitgebreidere versie vind je <a href=\"https:\/\/theokentie.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">hier. <\/a> Laatste update: januari 2024.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">I.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Cornelis Kentie.<\/h1>\n\n\n\n<p>Op 28 september 1919 werd op de Brede Hilledijk in Rotterdam Cornelis Kentie geboren, mijn vader. Zijn vader was op dat moment in dienst als postbesteller bij de PTT. Eerder, vanaf zijn twaalfde, was mijn opa bij zijn vader, mijn overgrootvader, als schilder aan het werk geweest. In 1917, bij zijn huwelijk, zat hij zonder werk. Maar al gauw ging hij aan de slag bij de PTT, aanvankelijk als telegrambesteller. Mijn oma had om de hoek, in de Bothastraat, enkele jaren een \u2018machinale brei-inrichting\u2019. Daar zou ze, naar eigen zeggen, de kousen van het nog niet zo lang bestaande team van de voetbalclub Feijenoord hebben gebreid. Die club had iets verderop, op het Afrikaanderplein, gevoetbald.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:41% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"800\" height=\"500\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-162 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg 800w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586-300x188.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586-768x480.jpg 768w\" sizes=\"auto, (max-width: 800px) 100vw, 800px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Brede Hilledijk, ca. 1910. Mijn vader werd geboren op nummer 50b.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Mijn vader had een oudere broer, en kreeg nog twee broers en twee zussen. Tot zijn 14<sup>e<\/sup> jaar ging hij naar school, waarna hij als magazijnbediende aan de slag ging. Dat was wellicht bij de Burex-fabriek, waar borstels en kwasten werden gemaakt: dat werd door mijn moeder ooit genoemd (maar mijn vader ontkende dat heftig). <\/p>\n\n\n\n<p><\/p>\n\n\n\n<p>In februari 1937 betrok het gezin, na vele malen verhuisd te zijn \u2018op Zuid\u2019 (zoals Rotterdammers het stadsdeel op de linker Maasoever noemen), een bovenwoning aan de andere kant van de Maas in de recent aangelegde wijk Bergpolder. Bij het uitbreken van de oorlog woonden ze aan de Noorderhavenkade.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 37%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Noorderhavenkade, met bombardementspuin, 1940.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"768\" height=\"509\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-1940-3-768x509-1.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-163 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-1940-3-768x509-1.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-1940-3-768x509-1-300x199.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 768px) 100vw, 768px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>In oktober 1938 moest mijn vader in militaire dienst. Direct bij het begin van de oorlog op 10 mei 1940 werd hij, naar eigen zeggen, bij de Duitse grens in de buurt van Venlo krijgsgevangen gemaakt. Hij werd ingeboekt op de dag erna en afgevoerd naar <em>Stalag IID<\/em> in Stargard in Pommeren, nu Polen. Hij meldde bij zijn gevangenneming, dat hij soldaat was en in zijn burgerbestaan kantoorbediende. Minder dan een maand later, op 6 juni, keerde hij samen met ongeveer 20.000 andere Nederlandse krijgsgevangenen per trein weer terug naar huis<a id=\"_ednref1\" href=\"#_edn1\">[1]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:45% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"569\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Stalag_II_D_Stargard-1024x569.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-165 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Stalag_II_D_Stargard-1024x569.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Stalag_II_D_Stargard-300x167.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Stalag_II_D_Stargard-768x427.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Stalag_II_D_Stargard.jpg 1250w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Stalag IID, Stargard.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p><\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 28%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">10 juni 1940: terugkomst krijgsgevangenen (Alg. Handelsblad).<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"665\" height=\"861\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/krijgsgevangenen-Alg-Han-10-juni-1940-02.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-168 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/krijgsgevangenen-Alg-Han-10-juni-1940-02.jpg 665w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/krijgsgevangenen-Alg-Han-10-juni-1940-02-232x300.jpg 232w\" sizes=\"auto, (max-width: 665px) 100vw, 665px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Weer een jaar later, in mei 1941, kwam hij in dienst bij de PTT, als hulpbesteller. Waarom dat niet eerder was,&nbsp;is niet duidelijk, zeker als je bedenkt dat zijn vader al jaren in dienst was bij die overheidswerkgever. Als hulpbesteller deed je laag gekwalificeerd en laagbetaald werk, maar je was ambtenaar met alle voordelen van dien: je had een salaris en geen loon, en je kreeg een echt pensioen.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">II.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Naar Duitsland.<\/h1>\n\n\n\n<p>Op 19 november 1942 werd mijn vader door zijn werkgever naar Duitsland gestuurd. Hij werd aan het werk gezet op het hoofdpostkantoor van de <em>Deutsche Reichpost<\/em> in Hannover. Hij maakte deel uit van de 26<sup>ste<\/sup> groep <a>PTT\u2019ers die naar Duitsland moesten,<\/a> &nbsp;41 mannen uit het hele land. Pogingen om PTT\u2019ers vrijwillig naar Duitsland te sturen, hadden eerder dat jaar weinig succes gehad. In de loop van 1942 werden steeds meer Duitse mannen gerekruteerd om vooral aan het Oostfront te vechten. Daarom was van de PTT in de herfst ge\u00ebist om nog eens 4000 man te leveren. Ze moesten vooral het zware en eenvoudige werk doen. Er werd beloofd de mannen in pensions of bij particulieren onder te brengen, maar daar kwam weinig van terecht.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:37% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"580\" height=\"373\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Hannover-Kaiserliches-Postamt.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-169 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Hannover-Kaiserliches-Postamt.jpg 580w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Hannover-Kaiserliches-Postamt-300x193.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 580px) 100vw, 580px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Hoofdpostkantoor Hannover.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Bij aankomst werd hij ondergebracht in de barakken van het <em>Gemeinschaftslager P.T.T<\/em> van het <em>Deutsche Arbeitsfront<\/em> in de Schierholzstrasse in Buchholz, een buitenwijk van Hannover. In de negentien barakken van dat DAF-kamp waren duizenden dwangarbeiders, krijgsgevangenen en aan het werk gezette concentratiekampgevangenen gehuisvest. <\/p>\n\n\n\n<p>De dag na zijn aankomst stuurde mijn vader briefkaarten om zijn nieuwe adres te melden, ongetwijfeld \u00e9\u00e9n naar zijn ouders en zeker \u00e9\u00e9n naar dominee J.J. Stam&nbsp;van de Prinsekerk in Rotterdam-Bergpolder<a id=\"_ednref2\" href=\"#_edn2\">[2]<\/a>. Hij was, zo schrijft hij de dominee enkele weken later op Nieuwjaarsdag, aan het werk gezet op Postkantoor I, het <em>Hauptpostamt<\/em>. Daar moest hij zes dagen per week gedurende tien uur per dag brieven stempelen en sorteren, postzakken naar de treinen brengen en brievenbussen legen. <\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 26%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Barakken Schierholzsstrasse.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"120\" height=\"150\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/barak-in-Schierholzstrasse.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-172 size-full\"\/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>In de barakken van de Schierholzstrasse waren mensen van verschillende nationaliteiten gehuisvest: Polen, Fransen, Italianen, zelfs Arabieren. Het was verveling troef: er was niets te lezen, en ook was het niet mogelijk om naar een caf\u00e9 of de bioscoop te gaan. Er vormden zich groepjes rondom stadsgenoten, terwijl er ook iets als een protestantse Bijbelkring was. Wel droegen weinigen hun geloof uit, dus zag mijn vader voor zichzelf een \u201cpracht taak\u201d<a id=\"_ednref3\" href=\"#_edn3\">[3]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Ook andere PTT\u2019ers kwamen in barakkenkampen terecht. De omstandigheden in deze kampen waren soms goed, maar meestal zeer slecht. De personeelsdienst van de PTT in Den Haag kreeg stapels klachten. Ter behandeling daarvan werd een inspecteur aangewezen, Ir. B.C.V. Ockerse, die de klachten in Duitsland zelf ging onderzoeken. Vaak, zo blijkt uit bewaard gebleven klaagbrieven, waren er geen sanitaire voorzieningen, vooral in de kampen in de grotere steden. Ook zaten veel barakken vol vlooien en wantsen. Soms was er geen beddengoed, heel soms zelfs geen kachel, zodat de mannen na hun zware werkdag in de kou zaten. Ook het moeten delen van de woonruimte met Russen, Polen en andere buitenlanders zat veel Nederlandse PTT\u2019ers niet lekker en was reden voor klagen. De klachten hadden soms succes. Er werden dan betere onderkomens gevonden, in hotels, theaters of dienstgebouwen van de <em>Reichs\u00adpost. <\/em>In december 1942 en januari 1943 bezocht Ockerse verschillende groepen PTT\u2019ers, onder andere in D\u00fcsseldorf, Leipzig en Dresden. In alle drie de steden wist hij betere huisvesting te regelen. Ook klachten over voeding, verlof en inhouding van kost en inwoning loste hij op<a id=\"_ednref4\" href=\"#_edn4\">[4]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Of de woonomstandigheden in de Schierholzstrasse net zo slecht waren als in het <em>Holl\u00e4ndische Postlager<\/em> in de Grosse Packhoffstrasse 24 in het centrum van Hannover valt niet te achterhalen. De PTT\u2019ers daar, te werk gesteld bij <em>Postamt II<\/em>, stuurden in december 1942, een brief vol klachten aan de directie in Nederland. Ze verbleven er met circa zeventig man op drie kamers. In een kamer van ongeveer 40 m<sup>2 <\/sup>sliepen bij voorbeeld meer dan twintig man. Ze lagen stijf tegen elkaar, terwijl er nauwelijks frisse lucht binnenkwam. Dag en nacht kwamen mannen van of gingen naar hun werk of naar de altijd verstopte wc, zodat er van slapen weinig terechtkwam. De veel te kleine eetruimte, waarin gekookt noch gewassen mocht worden, was van de slaapkamers gescheiden door een houten wandje<a id=\"_ednref5\" href=\"#_edn5\">[5]<\/a>. &nbsp;<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:34% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"768\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-1024x768.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-173 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-1024x768.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-300x225.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-768x576.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-1536x1152.jpg 1536w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-2048x1536.jpg 2048w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/P1000898-600x450.jpg 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p>Pertzstrasse in 2018.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>De kans is groot, dat eerdergenoemde Ockerse ook Hannover bezocht, want de woonomstandigheden werden al snel verbeterd. Twee maanden na zijn aankomst, op 25 januari 1943, werd mijn vader met andere Nederlandse PTT\u2019ers &nbsp;ondergebracht in de Pertzstrasse 17, in de tuinstad Kleefeld. Het was een in 1942 gereedgekomen gebouw van de <em>Fernmeldedienst<\/em>, dat nog niet in gebruik was genomen. Het was er veel frisser en gezonder<a href=\"https:\/\/theokentie.nl\/blog\/wp-admin\/post.php?post=3278&amp;action=edit#_edn6\">[6]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">III.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Arrestatie.<\/h1>\n\n\n\n<p>De Pertzstrasse ligt in een in de jaren twintig of dertig gebouwde woonwijk aan de noordoostkant van de stad. Nummer 17 is nog steeds<a href=\"#_edn7\" id=\"_ednref7\">[7]<\/a> het laatste pand. Mijn vader werd daar op 7 april 1943 gearresteerd. In zijn twee koffers vond men de verpakkingen en de afgestempelde adreskaarten van de pakketten die hij had opengemaakt. Het ging om 47 pakjes veldpost, dus bestemd voor soldaten aan \u00e9\u00e9n van de fronten. Hij had, zo luidde de aanklacht, daaruit koeken en koekjes gepikt, evenals rookwaren en een vulpen. Hij had het gedaan uit honger, zo was later voor de rechter zijn verweer. Maar dat vond de rechtbank niet zo\u2019n sterk excuus. Want hij had in de kantine middageten gekregen, waarvoor hij per week slechts 40 gram vet, 150 \u00e0 200 gram vleespuree en aardappelpuree van zijn <em>Lebensmittelmarken<\/em>&nbsp; (distributiebonnen) hoefde af te staan. Hij had dus net zo veel als de Duitsers en zijn Hollandse <em>Arbeitskameraden<\/em> gekregen.<\/p>\n\n\n\n<p>Dat was dan niet veel, zo klaagden de eerdergenoemde 63 \u2018arbeidskameraden\u2019 bij Postkantoor II. Die lieten vaak voedsel door familie sturen, en wie dat niet voor elkaar kreeg, leed domweg honger, want ze kregen per week maar iets meer dan twee kilo brood de man. Ze moesten zonder echte pauzes heel hard werken. In de kantine van het postkantoor konden ze met behulp van hun bonnen redelijk eten, maar de porties waren veel te klein.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Politiefoto Hannover, april 1943.<br><\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"729\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Hannover-klein-1024x729.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-174 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Hannover-klein-1024x729.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Hannover-klein-300x214.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Hannover-klein-768x547.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Hannover-klein.jpg 1043w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Na zijn arrestatie werd mijn vader eerst opgesloten in de <em>Polizeigef\u00e4ngnis<\/em> in Hannover, in het hoofdbureau van politie. Later werd hij ge\u00efnterneerd in de <em>Gerichtsgef\u00e4ngnis<\/em>, net achter het Centraal Station. Mij vertelde hij ooit, dat hij in de oorlog Ernst Th\u00e4lmann had gezien, en dat zal kloppen. Deze leider van de communistische partij zat daar sinds 1937 tot augustus 1943 inderdaad gevangen, tamelijk luxe, want hij kon journalisten ontvangen.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:41% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"422\" height=\"314\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/deutschersohninhaft.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-175 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/deutschersohninhaft.jpg 422w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/deutschersohninhaft-300x223.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 422px) 100vw, 422px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p>Th\u00e4lmann in gevangenis Hannover.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Hij werd uiteindelijk naar Buchenwald afgevoerd, waar hij een jaar later in opdracht van Hitler werd ge\u00ebxecuteerd.<\/p>\n\n\n\n<p><\/p>\n\n\n\n<p><\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">IV.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Doodstraf.<\/h1>\n\n\n\n<p>Op 21 mei 1943 verscheen mijn vader voor het <em>Sondergericht Abteilung I f\u00fcr den Oberlandesgerichtsbezirk Celle beim Landgericht<\/em> in Hannover. Rechters bij deze bijzondere rechtbank waren Dr. Stein als voorzitter, dr. Hamelberg en dr. Schmedes<a id=\"_ednref8\" href=\"#_edn8\">[8]<\/a>. Verder was aanwezig de openbaar aanklager (<em>Staatsanwalt<\/em>) Hille<a id=\"_ednref9\" href=\"#_edn9\">[9]<\/a>. Er was waarschijnlijk geen tolk aanwezig. Onduidelijk is of er een toegewezen \u2018Offizial-Verteidiger\u2019 was. Beroep was na een uitspraak van zo\u2019n bijzondere rechtbank niet mogelijk.<\/p>\n\n\n\n<p>De <em>Sondergerichte<\/em> (bijzondere rechtbanken) waren zeven weken na de machtsovername van de nazi\u2019s, op 21 maart 1933 ingesteld. Rechters bij de bijzondere rechtbanken waren vaak fanatieke nazi\u2019s, die de opdracht hadden snelrecht te plegen en streng te straffen. Het waren \u2018soldaten van het thuisfront\u2019, die streden tegen \u2018volksparasieten\u2019, de <em>Volkssch\u00e4dlinge<\/em><a id=\"_ednref10\" href=\"#_edn10\">[10]<\/a>.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full is-resized\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"147\" height=\"188\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/schmedes.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-176\" style=\"width:155px;height:auto\"\/><figcaption class=\"wp-element-caption\">W. Schmedes<\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\">Het <em>Sondergericht<\/em> Hannover (\u00e9\u00e9n van de 74) voerde tussen 1933 en 1945 ongeveer 4200 processen. In 1943 werden de meeste gevoerd: ongeveer 820. Vanaf het begin van de oorlog (1 september 1939) tot 10 april 1945 sprak het 210 doodstraffen uit, 59 in 1943 alleen. 170 in die periode veroordeelden werden daadwerkelijk ge\u00ebxecuteerd. Achttien vrouwen werden door het <em>Sondergericht<\/em> Hannover ter dood veroordeeld. Meer dan een kwart van de mannen (57) was buitenlander, de helft daarvan (29) Pool, en vier Nederlanders. Die vonnissen werden meestal in de executieruimte in Wolfenb\u00fcttel ten uitvoer gebracht. Daar stonden een guillotine en een galg. 24 doodvonnissen werden door de Rijksminister van Justitie omgezet in gevangenisstraffen. Het betrof zes vrouwen, \u00e9\u00e9n Pool en drie Nederlanders. Van de doodvonnissen tegen buitenlanders werd overigens 89%, vaker dan die van Duitsers, daadwerkelijk voltrokken<a href=\"#_edn11\" id=\"_ednref11\">[11]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-black-color has-text-color has-small-font-size\">99 doodvonnissen waren gebaseerd op de <em>Volkssch\u00e4dlingsverordnung<\/em> van 5 september 1939. Met deze verordening konden ook simpele vergrijpen, zwaar worden bestraft, als het \u2018gezonde volksgevoel\u2019 daarom vroeg.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-black-color has-text-color has-small-font-size\"><em>\u201cWer vors\u00e4tzlich unter Ausnutzung der durch den Kriegszustand verursachten au\u00dfergew\u00f6hnlichen Verh\u00e4ltnisse eine sonstige Straftat begeht, wird unter \u00dcberschreitung des regelm\u00e4\u00dfigen Strafrahmens mit Zuchthaus bis zu 15 Jahren, mit lebenslangem Zuchthaus oder mit dem Tode bestraft, wenn die das gesunde Volksempfinden wegen der besonderen Verwerflichkeit der Straftat erfordert\u201d<\/em><a href=\"#_edn12\" id=\"_ednref12\"><em><strong>[12]<\/strong><\/em><\/a><em>.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-black-color has-text-color has-small-font-size\">Deze paragraaf maakte het dus bovendien mogelijk om zowat iedere overtreding en ieder misdrijf door een bijzondere rechtbank te laten behandelen. En dat was ook de bedoeling, zo liet het Rijksministerie in 1939 de rechters en aanklagers weten. De parasiet die zich aan het volk vergrijpt, heeft immers geen plaats meer in de Duitse gemeenschap. De verordening was ook niet zozeer tegen nauw omschreven daden, als wel tegen een bepaald daderstype gericht. Ze was gericht tegen mensen die volgens de nazi\u2019s tekortschoten in een op de gemeenschap gerichte houding. Dankzij de <em>Volkssch\u00e4dlingsverordnung<\/em> konden rechters en officieren van justitie naar totale willekeur straffen<a id=\"_ednref13\" href=\"#_edn13\">[13]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-black-color has-text-color has-small-font-size\">De <em>SS<\/em> meldde op 3 februari 1941 dat het verduisteren en stelen van met name veldpostpakjes door postbeambten de laatste tijd enorm was toegenomen<a href=\"#_edn14\" id=\"_ednref14\">[14]<\/a>. In april 1942 werden de voedselrantsoenen drastisch gekort, en dat leidde tot een verdere toename van de diefstallen. Justitie reageerde met steeds zwaardere straffen, en het vaker uitspreken van de doodstraf op grond van de volgende redenering: wie zich bezondigde aan het stelen van pakjes in zijn functie als ambtenaar, kon niet anders dan een <em>Volkssch\u00e4dling<\/em> zijn. Hij jatte immers <em>Liebesgaben<\/em>, die door de familie van een soldaat letterlijk uit de mond gespaard waren, terwijl de niet bereikte geadresseerde zich ook nog eens zorgen ging maken over de reden van het uitblijven van nieuws van het thuisfront. Zeer zware straffen waren dus op hun plaats. De hoeveelheid gestolen waar was daarbij niet zo van belang. Pakjes bevatten gewoonlijk ook niet veel levensmiddelen of tabak. Maar het was een misdrijf tegen de veldpost als instituut, en daarmee was het een aanval op een van de fundamenten van de oorlogsvoering. Je moest wel een gewetenloze misdadiger zijn als je je daaraan schuldig maakte, was de redenering. En dus waren zware straffen logisch. De rechter van de bijzondere rechtbank vertegenwoordigde daarbij het gezonde volksgevoel, dat niet verder hoefde te worden gedefinieerd<a href=\"#_edn15\" id=\"_ednref15\">[15]<\/a>. Bij het stelen van veldpost was het toepassen van de <em>Volkssch\u00e4dlingsverordnung<\/em> verplicht.<\/p>\n\n\n\n<p><em>De Volksssch\u00e4dlingsverordnung<\/em> werd dus ook bij mijn vader toegepast. De diefstal uit de zevenenveertig pakketten was niet alleen strafbaar volgens de paragrafen 359, 350, 354, 348 en 349 van de strafwet, zo luidde het oordeel van de rechters, maar was vooral een vergrijp tegen genoemde \u00a7 4 van de <em>Volkssch\u00e4dlingsverordnung<\/em>, want hij had gebruik gemaakt van de bijzondere oorlogsomstandigheden. Veldpost bestond immers als gevolg van die oorlog, en er was door de oorlogsinspanningen gebrek aan toezichthoudend personeel. Het misdrijf was des te verwerpelijker, vond het Sondergericht, omdat hij zich had vergrepen aan goederen, die de \u201cdeutsche Volksgenossen<em>\u201d<\/em> ondanks de schaarste bij elkaar hadden gespaard om hun verwanten \u201can der Front eine Freude zu machen und ihnen die Gewissheit zu geben, dass die Heimat an sie denkt\u201d<a id=\"_ednref16\" href=\"#_edn16\">[16]<\/a>.&nbsp; Als de dader als buitenlander dat niet helemaal had kunnen navoelen, dan had hij toch met zijn gezond verstand kunnen begrijpen, dat hij met zijn daad de band \u201czwischen Front und Heimat\u201d verstoorde. De dader wist toch ook dat hij zich aan de wetten van de nationaalsocialistische staat diende te houden. Het verweer dat hij zich niet bewust was dat deze daad zo zwaar gestraft werd, hield geen stand. Bijzonder verwerpelijk was volgens de rechtbank, dat Kentie in zo\u2019n korte tijd zoveel pakjes had weten te jatten. En ook al had aangeklaagde een blanco strafblad, het <em>gesunde Volksempfinden<\/em> vereiste ter bescherming van de veldpost en de band tussen front en vaderland de doodstraf. Aanvullend werd mijn vader veroordeeld tot eeuwig eerverlies.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">V.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Strafgevangenis Wolfenb\u00fcttel.<\/h1>\n\n\n\n<p>Mijn vader liet nooit de naam Wolfenb\u00fcttel vallen. Het was dan ook een verrassing toen ik na zijn overlijden bij het NIOD zijn gevangenisdossier aantrof in een map van de strafgevangenis in die stad. Op 7 juni 1943 om 9:40 uur werd mijn vader in Wolfenb\u00fcttel \u2018ingeboekt\u2019 als nummer 271 onder de naam <em>Cornelius<\/em> Kentie en opgesloten in <em>Haus II<\/em>, het zogenaamde Rode Huis. Bij hem werd een bedrag van 77,28 RM (rijksmark) aangetroffen, terwijl maximaal 50 RM in zijn bezit mocht blijven. Het teveel werd in beslag genomen, en later vond men nog eens 159,98 RM. Zijn weekloon bij zijn arrestatie was overigens 21 RM. Hij vulde de <em>Aufnahmeverhandlung<\/em> (formulier nr. 36 van het gevangeniswezen) in en werd in <em>Einzelhaft<\/em> (eenzame opsluiting) en geboeid opgesloten, naar alle waarschijnlijkheid in een dodencel. De kans is groot, dat hij een brief naar huis schreef.<\/p>\n\n\n\n<p>De gevangenis in Wolfenb\u00fcttel heeft zijn hoofdingang in een nauwe straat in het met eeuwenoude vakwerkhuizen volgebouwde historische centrum. Het hoofdgebouw van de gevangenis (<em>Haus III)<\/em> stamt uit 1506. In 1619 werd het voor het eerst een (militaire) gevangenis. <\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"653\" height=\"371\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/grauen-haus.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-178 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/grauen-haus.jpg 653w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/grauen-haus-300x170.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 653px) 100vw, 653px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Het <em>Grauen Haus<\/em> (Haus I), 1939.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Sinds 1790 is het een civiele gevangenis. In 1873 werden achter het hoofdgebouw twee cellencomplexen gebouwd, Haus I en Haus II. Her en der op het terrein waren werkplaatsen. De gevangenis werd vanaf het begin van de machtsovername door de nazi\u2019s gebruikt voor het opsluiten van politieke gevangenen. In de tweede helft van de jaren dertig was bijna de helft van de circa 800 gevangenen veroordeeld vanwege politieke delicten. De gevangenis werd beheerd door regulier justitiepersoneel, en dat was aanvankelijk te merken. Joden mochten bij voorbeeld Pesach vieren en gebedenboeken hebben. Soms werd iemand tegen de zin van de Gestapo op strikt juridische gronden vrijgelaten. Maar de Gestapo kreeg in de loop der tijd steeds meer grip op de gevangenis, en het werd een beruchte gevangenis voor <em>Nacht-und-Nebel<\/em>-gevangenen (NN-gevangenen)<a id=\"_ednref17\" href=\"#_edn17\">[17]<\/a>. &nbsp;De gevangenis had een capaciteit van duizend gevangenen, maar gedurende de oorlog verdubbelde dat aantal tot tweeduizend.<\/p>\n\n\n\n<p>Een van de gebouwtjes op de binnenplaats was de oude smederij. Deze smederij, het gebouwtje staat er nog steeds, werd in 1937 tot een executieplaats omgebouwd, een van de elf justiti\u00eble executieoorden in Duitsland. <\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 40%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">De oude smederij.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"500\" height=\"348\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/hinrichtungsstaette-Wf1.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-180 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/hinrichtungsstaette-Wf1.jpg 500w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/hinrichtungsstaette-Wf1-300x209.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 500px) 100vw, 500px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Een valbijl (guillotine), afkomstig uit een gevangenis in Hannover, en een galg werden geplaatst, een bloedgoot gegraven, enkele ruimtes tot dodencellen verbouwd. In Haus I, het \u2018Grauen Haus\u2019 werden de NN-gevangenen opgesloten<a href=\"#_edn18\" id=\"_ednref18\">[18]<\/a>. Op de begane grond bevonden zich de dodencellen.&nbsp; Op de tweede verdieping, in de voormalige kapel, moesten de NN-gevangenen verrekijkers van de firma <em>Voigtl\u00e4nder u. Sohn<\/em> in elkaar zetten, iedere dag van zes uur \u2019s morgens tot zes uur \u2019s avonds. Alleen op dinsdag stopten ze al om vijf uur. Dan kwamen de beulen: dinsdag was executiedag.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:23% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"356\" height=\"475\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/valbijl.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-181 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/valbijl.jpg 356w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/valbijl-225x300.jpg 225w\" sizes=\"auto, (max-width: 356px) 100vw, 356px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">De guillotine in Wolfenb\u00fcttel.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Een van de NN-gevangenen was journalist Mathieu Smedts, de latere hoofdredacteur van <em>Vrij Nederland<\/em>. Hij kwam op 14 maart 1944 in Wolfenb\u00fcttel aan. Hij was als verzetsstrijder op 17 november 1943 in Utrecht ter dood veroordeeld, en werd als NN-gevangene afgevoerd naar tuchthuis Sonnenburg (een speciale NN-gevangenis, waar per maand bijna twintig procent van de gevangenen stierf) en vervolgens naar Wolfenb\u00fcttel. Daar was het na Sonnenburg \u201cpure verrukking de eerste dagen\u201d, schreef hij later De cellen waren helder, er waren wc\u2019s, veel bewakers waren redelijk correct. Maar toch werd Wolfenb\u00fcttel \u201ceen verschrikkelijker ervaring dan alles wat wij tot dan toe hadden beleefd\u201d. En dat kwam door een klein huisje met daarin een guillotine. \u201cWeek in week uit, bijna elke dinsdag kwamen de beulen om enkele ter dood veroordeelden te onthoofden\u201d. Al op 23 augustus 1945 schreef hij op de voorpagina van <em>de Volkskrant<\/em> over zijn ervaringen in Wolfenb\u00fcttel<a href=\"#_edn19\" id=\"_ednref19\">[19]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Mijn vader bleef de doodstraf bespaard. Op 10 september 1943 wijzigde Rijksminister van Justitie Dr. Otto-Georg Thierack, en daartoe gemachtigd door de F\u00fchrer zelf, de doodstraf van Cornelius Kentie in een tuchthuisstraf van 10 jaar<a href=\"#_edn20\" id=\"_ednref20\">[20]<\/a>. Dit feit werd hem overigens pas tien dagen later op 20 september, waarschijnlijk door <em>Staatsanwalt<\/em> (officier van justitie) Goerck persoonlijk, in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel medegedeeld. PTT\u2019er Anton Wanders uit Amsterdam, net als mijn vader in het postkantoor van Hannover te werk gesteld, noteerde op vrijdag 24 september in zijn dagboek, dat door de microfoon werd omgeroepen, dat de doodstraf van Cor Kentie officieel gewijzigd was in tien jaar tuchthuis<a href=\"#_edn21\" id=\"_ednref21\">[21]<\/a>. Van alle ter dood veroordeelden die in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel belandden, is hij de enige die uiteindelijk aan zijn lot wist te ontkomen.<\/p>\n\n\n\n<p>Hij verbleef vervolgens nog eens negen maanden in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel, zonder ooit bezoek te ontvangen. Dat had wel gekund. Na drie maanden detentie mochten eens per twee maanden directe familieleden op dinsdag of vrijdag tussen drie en half zes langskomen. Wel zal hij brieven naar huis hebben geschreven. Je mocht direct bij aankomst een brief schrijven, en je mocht, ook na drie maanden, om de vier weken een brief sturen. Mogelijke post van hem uit de gevangenis is niet bewaard gebleven<a href=\"#_edn22\" id=\"_ednref22\">[22]<\/a>. In zijn dossier zitten geen achtergehouden brieven.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 42%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">De <em>Holzhof <\/em>in de gevangenis.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"771\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Holzhof-in-de-gevangenis-van-Wolfenbuttel-1-1024x771.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-182 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Holzhof-in-de-gevangenis-van-Wolfenbuttel-1-1024x771.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Holzhof-in-de-gevangenis-van-Wolfenbuttel-1-300x226.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Holzhof-in-de-gevangenis-van-Wolfenbuttel-1-768x578.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Holzhof-in-de-gevangenis-van-Wolfenbuttel-1.jpg 1303w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>De dag nadat hem de strafverandering was medegedeeld, werd mijn vader aan het werk gezet. In 1939 werkten 250 van de 931 gedetineerden in de gevangenis zelf zoals in de <em>Holzhof<\/em> of de eigen tuinen, of ze werkten voor private ondernemingen, al dan niet gevestigd binnen de gevangenis.<\/p>\n\n\n\n<p>Onder deze bedrijven waren rubberverwerker Schroers &amp; Simmerling, kachelpijpfabriek Gr\u00fcttemans Nachfolger, de nog steeds bestaande lijmfabriek Ludwig Noltemeyer, erwtensorteerder Conrad Wrehde en de Hamburgse fabrikant van rubber matten H.C. Meyer. Bijna 500 gevangenen werkten bij zogenaamde <em>Au\u00dfenbetrieben<\/em>: bedrijven buiten de gevangenis. Ze verlieten nog v\u00f3\u00f3r zes uur onder bewaking de gevangenis en kwamen ongeveer twaalf uur later weer terug. Enkelen van hen werkten bij tuinders. Anderen werkten in de kalkfabriek Bahl &amp; Conen, bij de Reichswerke Hermann G\u00f6ring in B\u00f6r\u00dfum en Braunschweig (nu onderdeel van Salzgitter), bij de railfabriek van B\u00fcssing &amp; Sohn, bij transportbedrijf Walter Wagner of bij wegwerkbedrijf Gustav Stabbert. De meesten werkten bij de nog bestaande wegenbouwer Friedrich Preu\u00dfe. Later werkten steeds meer gedetineerden bij <em>Au\u00dfenkommandos<\/em> die direct voor de oorlogsindustrie\u00ebn werkten. Deze gevangenen, uiteindelijk meer dan 800, werden gehuisvest bij hun arbeidsplaats.<\/p>\n\n\n\n<p>Op het formulier A36 uit de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel staan voor mijn vader drie soorten door hem verrichte werkzaamheden vermeld: <em>Zwiebeln<\/em>, <em>G\u00fcmmi<\/em> en <em>Matten<\/em>. De uien hebben als begindatum 21 september 1943. Een maand later, op 19 oktober, gaat hij kennelijk aan het werk voor rubberverwerker Schroers &amp; Simmerling. Wat hij ook deed, het betekende minstens elf uur per dag gedurende zes dagen per week en het hele jaar door zonder enige pauze (op de korte middagpauze na), werken. \u2018s Ochtends kregen de gevangenen een stukje brood, tussen de middag was er koolraapsoep met wellicht wat aardappels erin, als je het geluk had \u00e9\u00e9n der laatsten te zijn die zijn portie kreeg, en \u2018s avonds weer een stukje brood. Het was iedere dag honger lijden. Werkte hij buiten (op houten slippers en met veel te weinig kleren, zodat het in de winter voortdurend kou lijden was), dan was hij wellicht in staat wat te jatten, zoals Ton Velder vertelde.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\">Velder werd op 16-jarige leeftijd in Utrecht bij een razzia in Utrecht gearresteerd. De Duitsers zagen in zijn <em>Ausweis<\/em> een vervalsing, omdat ze niet konden geloven dat de ouder uitziende Velder pas 16 was. Hij werd opgesloten in Wolfenb\u00fcttel, waar hij tot de bevrijding verbleef. Op 30 november 2001 vertelde hij me zijn (tot dan verdrongen) belevenissen. Hij werkte in de <em>Holzhof<\/em>. Het magere rantsoen wist hij een heel klein beetje aan te vullen dankzij de varkens. In een grote ruimte ergens in de gevangenis werden varkens gehouden. Op het binnenterrein stond ook een klein houten huisje, dat als wc diende. Erin stond een emmer, die, als hij vol was, geleegd moest worden in het varkenshok. Na het legen stopte men gauw wat bieten of knollen die voor de varkens bestemd waren, in de emmer. Met behulp van een uit blik gemaakt \u2018mesje\u2019 werden ze geschild, vooral om de poep en de pis te verwijderen. Als het binnenste was genuttigd, bestormden Polen en Russen het hok: zij aten de vervuilde schillen zonder aarzelen op. Eens in de zoveel dagen kwam er een kar met voer voor de varkens. Had je geluk, dan kon je uit de laadbak wat half rotte aardappels of ander voer gappen.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\">Er was sprake van enorme honger, en alleen al daarom was je je leven nooit zeker, zo vertelde Velder. Want van enige solidariteit onder de gevangenen was geen sprake. Voor een stukje brood kon je vermoord worden, en je wist nooit wie je kon vertrouwen. Je zat weliswaar met drie man in een cel, maten die je wellicht op den duur kon vertrouwen, maar de kans dat die op zekere dag op transport werden gesteld naar een andere gevangenis was groot. Gevangenen praatten niet veel met elkaar, want je kon zomaar verraden worden. Je kon het zelfs wel eens treffen met de bewakers. Maar de meesten waren allesbehalve zachtzinnig. Werkte je niet hard genoeg, of praatte je met een medegevangene, dan kon je een afstraffing met de gummilat verwachten. Betrapten ze je op sabotage, dan wachtte de guillotine. Want sabotage was zelfs bij het hout hakken mogelijk: een gevangene met technische kennis van de houtgeneratoren waarvoor het hout was bestemd, wist in welke vorm je moest hakken om die generatoren vast te laten lopen.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\">Ook volgens Velder wist iedereen van de doodstraffen. Dat lag als een doem over alle gevangenen. Hij zag vaak hoe ruwhouten kisten op een kar werden geladen en de gevangenis uit werden gereden. De kisten van gevangenen die waren gestorven door ziekte, honger of geweld stonden op een andere plek.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">VI.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Tuchthuis Celle.<\/h1>\n\n\n\n<p>Op 26 mei 1944 stuurde de <em>Oberstaatsanwalt<\/em> van het <em>Sondergericht<\/em> te Hannover naar het tuchthuis te Celle het bericht, dat mijn vader daarheen zou worden overgeplaatst. Op 3 juni 1944 werd hij om 7 uur \u2019s morgens afgevoerd naar de politiegevangenis in Hannover. Op 9 juni stond hij om 5:10 uur in de ochtend klaar op station Hannover om naar Celle te worden gebracht. Na een treinreis van 1 uur en 25 minuten kwam hij daar aan. Niet veel later arriveerde hij in het vlakbij het station gelegen tuchthuis. Twee dagen later volgde de offici\u00eble inboeking. <\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:27% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"724\" height=\"1024\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Celle-02-klein-724x1024.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-183 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Celle-02-klein-724x1024.jpg 724w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Celle-02-klein-212x300.jpg 212w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Pa-Celle-02-klein.jpg 736w\" sizes=\"auto, (max-width: 724px) 100vw, 724px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Uit zijn gevangenisdossier, direct na aankomst in tuchthuis Celle, begin juni 1944.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Hij moest een vragenformulier invullen en een korte levensbeschrijving op papier zetten. Zijn handschrift is nog verbazend vast. Hij noemt zich zelf foutief maar conform eerder opgestelde papieren <em>Cornelius<\/em>, en meldt dat er in Rotterdam een invalidenkaart aanwezig is, maar dat zal een vergissing zijn. Een fotograaf maakte twee foto\u2019s, <em>en profil<\/em> en <em>en face<\/em>. Hij ziet er met zijn kaalgeschoren hoofd slecht uit. Hij woog nog maar 51 kilo, en was dus met zijn 1 meter 73 ernstig ondervoed.<\/p>\n\n\n\n<p>De gevangenis in Celle werd begin 18e eeuw, naar Frans voorbeeld gebouwd als tuchthuis, werkhuis en, tot 1833,&nbsp;gekkenhuis. Boven de ingang staat dan ook: &#8220;Puniendis facinorosis custodiendia furiosis et mente captis publico sumptu dicata domus\u201d<a id=\"_ednref23\" href=\"#_edn23\">[23]<\/a>.&nbsp; Achter een stevige muur rijst het monumentale hoofdgebouw op, omklemd door twee vleugels. De oorspronkelijke laagbouw erachter werd later vervangen door kazerneachtige hoogbouw, waarin de cellen zaten en zitten.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Tuchthuis Celle. Model uit 1930.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"400\" height=\"124\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Tuchthuis-Celle-in-1930-model.jpeg\" alt=\"\" class=\"wp-image-184 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Tuchthuis-Celle-in-1930-model.jpeg 400w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Tuchthuis-Celle-in-1930-model-300x93.jpeg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 400px) 100vw, 400px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Een tuchthuisstraf was zwaarder dan een gevangenisstraf. Een tuchthuisstraf blijft aan je kleven, het is een onterende straf, schrijft Lou de Jong in zijn standaardwerk, waarin overigens het tuchthuis van Celle niet genoemd wordt en ook niet op het kaartje met Duitse gevangenissen en tuchthuizen staat (net als de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel overigens). In een gevangenis zat je de eerste drie maanden in je eentje, in een tuchthuis was dat zes maanden. In de gevangenis moest je negen uur per dag werken, in het tuchthuis was dat tien uur. En in een tuchthuis zaten \u2018een ongunstiger soort\u2019 normale criminelen en was er een &#8216;ongunstiger soort bewakers\u2019<a id=\"_ednref24\" href=\"#_edn24\">[24]<\/a>.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Op het eerdergenoemde overplaatsingsbericht van 26 mei 1944 stond nadrukkelijk vermeld, dat mijn vader niet als crimineel (<em>Gestrauchelter<\/em>) moest worden beschouwd (onderstreping op het formulier). Niet duidelijk is, waarom dat zo was. Was dat overeengekomen met de personen die de gratie hadden weten te bewerkstelligen? \u2018Asocialen\u2019 en langgestrafte \u2018beroepscriminelen\u2019 liepen de kans afgevoerd te worden naar een werk- of concentratiekamp, waar ze geacht werden zich dood te werken: \u2018Vernichtung durch Arbeit\u2019.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:25% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"731\" height=\"1024\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-731x1024.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-185 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-731x1024.jpg 731w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-214x300.jpg 214w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-768x1076.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-1096x1536.jpg 1096w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle-1461x2048.jpg 1461w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/CelinCelle.jpg 1779w\" sizes=\"auto, (max-width: 731px) 100vw, 731px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Cel in tuchthuis Celle (1963).<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Maar ook in tuchthuis Celle was je je leven niet zeker. Het viel weliswaar onder het gewone gevangeniswezen, maar het regime was er bikkelhard. In december 1938 begon Bernhard Hartung als arts in het tuchthuis. Hij zou dat blijven tot 15 januari 1944, toen hij werd overgeplaatst. Wel bleef hij wonen in de dienstwoning direct naast het tuchthuis. In 1986 publiceerde hij zijn deels op bewaarde documenten gebaseerde memoires als wat late \u2018aanklacht en apologie\u2019. Ja, hij kon niet anders dan lid worden van de SA en de NSDAP, en ja, hij had een foto van Hitler in huis hangen, maar niet boven zijn bureau! En natuurlijk had hij niet in het openbaar kritiek geleverd op het regime. Maar hij had vanuit zijn functie als tuchthuisarts wel diverse malen geprobeerd te protesteren tegen de behandeling van de gevangenen.<\/p>\n\n\n\n<p>Zo schreef hij op 13 juli 1942 de hoofdofficier van justitie over het afnemen van het gemiddelde gewicht van de gevangenen, in enkele maanden van 61,5 naar 57 kg. Sommige mannen van 175 \u00e0 176 cm wogen nog maar 50 kg of minder. De gevangenen kregen in die tijd steeds minder te eten, en wat ze kregen was van belabberde kwaliteit. Door deze ondervoeding en de verlenging van de arbeidsdag tot elf uren konden de gevangenen natuurlijk veel minder produceren, terwijl de productie-eisen steeds hoger werden en de straffen voor het niet halen daarvan steeds harder. Er trad hongeroedeem op, en er waren door gebrek aan weerstand steeds meer gevallen van ziektes als tbc. Dat was ook een groot risico voor het personeel. Broodrantsoenen mochten echter niet worden verhoogd, ook niet voor de mannen in de ziekenzaal.<\/p>\n\n\n\n<p>Mishandelingen door beambten, hulpbeambten, hulpopzichters en kennelijk voorgetrokken gevangenen namen toe, vooral bij de buitencommando\u2019s. Een groeiend aantal bij de buitencommando\u2019s tewerkgestelden ging dood zonder voorafgaande ziekte, steeds meer werden \u2018op de vlucht\u2019 neergeschoten, ook al zou geen normaal mens overdag in gevangeniskledij op de vlucht slaan. Sommige gevangenen werden als gevolg van de honger bevangen door een soort toeval, liepen verdwaasd de verkeerde kant op en werden dan neergeschoten.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\">Vrij kort na de oorlog typte Richard Trampenau, een politieke gevangene die in 1934 tot levenslange tuchthuisstraf was veroordeeld en in Celle verbleef tot april 1945, een verslag van zijn ervaringen. Celle was een tuchthuis met een verzwaard regime. Er zaten politieke gevangenen, Joden, zigeuners en buitenlanders, maar de meeste gevangenen waren gewone criminelen. Trampenau werkte vooral in de timmerwerkplaats waar zo\u2019n 50 man werkten, 30 daarvan criminelen. Er werkten vier Nederlanders, twee Belgen, twee Fransen, twee Russen, een Oekra\u00efner en een Joegoslaaf. En negen politieke gevangenen. Vooral het laatste jaar was de gevangenis overbevolkt. De capaciteit was 450, maar er zaten 1600 gevangenen. Ze stierven er als ratten: zes tot tien man per dag: 30% van alle gevangenen was ziek. In de timmerwerkplaats moesten de doodskisten worden getimmerd, dus wie daar werkte, kon het aantal doden vaststellen. Ook in de timmerwerkplaats werden gevangenen&nbsp;zwaar mishandeld, hoewel er nooit \u00e9\u00e9n werd doodgeslagen. Maar in het algemeen werd het gauw slechter. Zo sloeg ziekenverzorger Leppelt iedere dag de doodzieken in de ziekenzaal, en liet ze vervolgens aan hun lot over. Velen stierven. Trampenau vertelt het geval van de Hollander Sipke de Hoop. Die werd ernstig ziek: hij had wekenlang zware arbeid verricht. Dat en de slechte voeding bezorgden hem een zware longontsteking. Hij kon niet meer werken, en dus werd hij op doodscommando gestuurd. Daar waren de omstandigheden nog veel slechter en werkte je dus tot je dood neerviel. Vooral de buitenlanders werden zeer slecht behandeld. Trampenau praatte met de buitenlanders, en daarom noemden de bewakers hem \u2018staatsvijand nummer \u00e9\u00e9n\u2019: al zijn gesprekjes werden gerapporteerd bij de politie, waar hij zich geregeld moest verantwoorden<a id=\"_ednref25\" href=\"#_edn25\">[25]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>De Jong heeft weinig informatie over Nederlanders die vanwege \u2018commune misdrijven\u2019 in Duitsland waren veroordeeld. Hij denkt, dat zij het in de laatste oorlogswinter heel moeilijk hebben gehad. De toch al krappe rantsoenen in de gevangenissen en tuchthuizen werden in de herfst van 1944 nog krapper, het personeel steeds corrupter, en ging steeds willekeuriger optreden, er was geen postverbinding met Nederland meer, en voortdurend sloegen er in de nabijheid bommen of granaten in<a href=\"#_edn26\" id=\"_ednref26\">[26]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>In die laatste periode liepen, schrijft De Jong, de gevangenen in de tuchthuizen groot gevaar. Vanaf juli 1944 veranderde het regime. Het <em>Reichsjustizministerium<\/em> was tot dan verantwoordelijk, maar het gehele systeem van berechting en straf werd afgeschaft. Voortaan zou de <em>Sicherheitspolizei<\/em> moeten beslissen over het lot van de gedetineerden. In januari 1945 werd besloten, dat licht gestraften moesten worden vrijgelaten, als de overheid zich uit een bepaald gebied terugtrok. Alle anderen moesten naar andere gevangenissen worden overgebracht, als er tenminste transportmiddelen waren. Zo niet, dan moesten ze \u2018durch Erschiessen unsch\u00e4dlich\u2019 gemaakt worden<a href=\"#_edn27\" id=\"_ednref27\">[27]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Ook in Celle moesten de gevangenen werken voor allerlei bedrijven. In diverse afdelingen werden elektromotoren gemaakt (ankerwikkelaars) voor het bedrijf <em>Trillke-Werke<\/em> uit Hildesheim, een bedrijf dat door Albert Speer tot militair modelbedrijf was aangewezen, en onderdeel was van het Bosch-concern<a href=\"#_edn28\" id=\"_ednref28\">[28]<\/a>. Anderen werkten bij de meubelmakerij of in de drukkerij, de schoenfabriek van <em>Gehrken<\/em> uit Celle, in een recyclingbedrijf van oude legeronderdelen, de zakkenfabriek, de mattenfabriek of in de wagenfabriek. De werkzaamheden werden beloond met 10, 20, 30 of 40 Pfennig per dag. Er waren naast de zogenaamde <em>Au\u00dfenkommandos <\/em>in onder andere Tiste en Westerm\u00fcnde ook nog drie \u00e0 vier \u2018boerencommando\u2019s\u2019. Tot slot waren er nog \u2018stadscommando\u2019s\u2019 in Ratsm\u00fchle, en in de Trillke-fabrieken in Hildesheim. Mijn vader begon op 13 juni 1944 bij het mattenbedrijf, tot 6 september dat jaar. Toen werd hij wegens longtuberculose opgenomen in de ziekenzaal, een lange brede ruimte met grote ramen<a href=\"#_edn29\" id=\"_ednref29\">[29]<\/a>,&nbsp; waar hij ruim vier maanden verbleef, tot 8 januari<a href=\"#_edn30\" id=\"_ednref30\">[30]<\/a>. In die eerste maand van 1945 stierven zeventien gevangenen en tot de bevrijding door de Britten op 15 april nog eens 211 in het inmiddels door overplaatsingen overvolle complex<a href=\"#_edn31\" id=\"_ednref31\">[31]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Bij ons bezoek aan de gevangenis in 2001 konden mijn broer Martin en ik vaststellen, dat er nog steeds een meubelmakerij is, nu als <em>Arbeitstherapie<\/em>. Prijzen van houten speelgoed en meubelen op aanvraag.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">VII.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Terug naar Wolfenb\u00fcttel.<\/h1>\n\n\n\n<p>De gevangenisautoriteiten hadden al de nodige ervaring met verplaatsingen van grote groepen ge\u00efnterneerden: de bommenregens van de geallieerden zorgden voortdurend voor verhuizingen. Toen de fronten in het oosten en het westen dichterbij kwamen, trokken steeds grotere groepen gevangenen bijna dagelijks van gevangenis naar tuchthuis of andersom, van het ene concentratiekamp naar het andere, soms per trein of op open wagens, meestal lopend. <\/p>\n\n\n\n<p>Eind 1944 werden veel gevangenissen in het westen en oosten van Duitsland ontruimd. De ge\u00ebvacueerden werden naar het midden van het land getransporteerd. Er kwamen offici\u00eble richtlijnen over hoe te handelen bij ontruimingen, met een ongebruikelijk element in nazi-Duitsland: men mocht improviseren. Dat vergrootte de chaos. Kortgestraften mochten worden vrijgelaten, anderen moesten eventueel worden overgedragen aan andere autoriteiten, maar een grote groep politieke gevangenen en langgestraften moest naar elders worden overgebracht, of desnoods \u2018geneutraliseerd\u2019, met verwijdering van alle sporen, door ze dood te schieten.<\/p>\n\n\n\n<p>Bij de&nbsp; beruchtste dodenmarsen uit de concentratiekampen vielen meer dan een kwart miljoen doden. Mensen bezweken van de honger, de kou, de uitputting, of werden, soms \u2018voor de lol\u2019, doodgeschoten. Het gewone personeel van de gevangenissen was meestal niet te vergelijken met de SS. Cipiers die de marcherende groepen gevangenen moesten bewaken, deden dat vaak met tegenzin: ook hun hachje was nu in groot gevaar. Vaak ook waren ze slecht bewapend. Soms wisten grote groepen gevangenen, ondanks het bevel om iedere wegloper te executeren, er vandoor te gaan.<\/p>\n\n\n\n<p>Verantwoordelijk voor twee transporten uit Celle in april 1945 was volgens het verslag van Richard Trampenau ene Langebartels, die sinds 1933 lid van de NSDAP was. De gevangenen werden op transport gestuurd vanwege de oprukkende Engelsen. <a href=\"https:\/\/theokentie.nl\/blog\/het-transport-van-tuchthuis-celle-naar-gevangenis-wolfenbuttel\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">In de avond van 6 april 1945<\/a> vertrok onder leiding van SS-Sturmf\u00fchrer Baumgarten&nbsp; een groep van circa 200 \u00e0 300 gevangenen (onder hen waren <a href=\"https:\/\/theokentie.nl\/blog\/nederlanders-die-het-transport-meemaakten\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">25 Nederlanders<\/a>) naar de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel. Ze mochten alleen een deken meenemen en kregen niets te eten. Het was bitterkoud en mistig. De mannen liepen eerst naar het dichtbij gelegen station van Celle. Daar werden ze in open goederenwagons geladen. De reis naar station Braunschweig Gliesmarode duurde zo\u2019n 12 uur. Om een uur of negen arriveerden ze er. Vandaar moesten de gevangenen in rijen van twee nog een kleine 15 kilometer lopen naar de gevangenis in Wolfenb\u00fcttel.<\/p>\n\n\n\n<p>De gevangenen liepen op houten slippers, of op blote voeten, die al gauw kapotgelopen waren op het beton van het wegdek. Of ze werden voortgesleept door hun kameraden: dat gold voor minstens 20 \u00e0 30 mannen. Het zal dus niet snel gegaan zijn, ook al deden Baumgarten en zijn mannen er alles aan om het tempo hoog te houden. Ze joegen ze op met hun honden en dreigden met pistolen. Ze sloegen hen tot bloedens toe, al dan niet met de doornentak van bewaker Kubiak. Baumgarten zelf schoot diverse malen. Na twee uur lopen werd er gepauzeerd, herinnert de Duitse communist Hauser zich<a href=\"#_edn32\" id=\"_ednref32\">[32]<\/a>. Ze gingen liggen in het natte gras en aten de al bloeiende paardenbloemen. Baumgarten beval het doodschieten van wie er niet meer verder kon, maar de niet-SS-ers onder de bewakers, die in de meerderheid waren, negeerden het bevel, zodat het bij een dreiging bleef. Toch overleefden enkele gevangenen vanwege uitputting de tocht niet.<\/p>\n\n\n\n<p>De gevangenen moeten op zaterdag 7 april omstreeks het middaguur of in de loop van de middag in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel gearriveerd zijn. Daar was pas diezelfde dag om ongeveer 10 uur de komst gemeld. In allerijl werd de zaal in Huis III ontruimd: de gevangenen die zich daar bevonden, werden verplaatst naar net gereedgekomen barakken, bedoeld voor de opvang van zieken. Ongeveer 200 van de \u2018nieuwkomers\u2019 werden in de zaal van Huis III ondergebracht, met stro op de vloer. De rest belandde in Huizen I en II<a id=\"_ednref33\" href=\"#_edn33\">[33]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 46%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p>Lijken in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel, april 1945.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"704\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/lijken-in-gevangenis-Wb-april-1945-1024x704.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-186 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/lijken-in-gevangenis-Wb-april-1945-1024x704.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/lijken-in-gevangenis-Wb-april-1945-300x206.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/lijken-in-gevangenis-Wb-april-1945-768x528.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/lijken-in-gevangenis-Wb-april-1945.jpg 1227w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Heel veel nieuwkomers waren ernstig ziek. Zo\u2019n veertien \u00e0 zeventien van hen werden onmiddellijk naar het lazaret overgebracht. Een onbekend aantal zal kort na aankomst zijn bezweken. De nieuwe gevangenisdirecteur schrijft op 22 oktober 1945 aan het openbaar ministerie, dat het grote aantal doden in de laatste periode voor de bevrijding vooral bestond uit gevangenen die met transporten uit andere gevangenissen waren aangekomen. Hij wijst nadrukkelijk op het transport uit Celle: \u201cEin anderer Transport Kranker und Entkr\u00e4fteter ist sogar von Bahnhof Braunschweig-Gliesmarode zu Fu\u00df bis Wolfenb\u00fcttel gef\u00fchrt worden\u201d. Dit transport had grote indruk op de inwoners van Wolfenb\u00fcttel gemaakt. In de toch al overvolle gevangenis met een capaciteit van circa 1000 gevangenen bevonden zich nu 1500 gevangenen. Op 8 april werden ongeveer 300 gevangenen, vooral NN-gevangenen, van de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel op transport gezet. Onder hen bevond zich Mathieu Smedts. Ze gingen per trein naar het oosten, naar Maagdenburg, vervolgens naar Burg en tenslotte naar tuchthuis Brandenburg-G\u00f6rden, dat pas op 27 april door de Russen werd bevrijd<a href=\"#_edn34\" id=\"_ednref34\">[34]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:42% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"859\" height=\"564\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/gevangenis-wolfenbuttel-april-1945.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-187 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/gevangenis-wolfenbuttel-april-1945.jpg 859w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/gevangenis-wolfenbuttel-april-1945-300x197.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/gevangenis-wolfenbuttel-april-1945-768x504.jpg 768w\" sizes=\"auto, (max-width: 859px) 100vw, 859px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Ziekenzaal in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel, april 1945.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>De gevangenis van Wolfenb\u00fcttel werd op 11 april door het Amerikaanse 9<sup>e<\/sup> Leger bevrijd, vier dagen nadat mijn vader er was teruggekeerd. Een tank ramde de poort open, vertelde Ton Velder. Bewakers maakten een paar cellen open, gaven de sleutels aan de mannen die naar buiten kwamen om de andere deuren te openen en vluchtten weg. Iedereen stormde de trappen af. Buiten stond een overijverige bewaker met een machinegeweer voor de deur. Enkele Franse gevangenen leidden hem af: hij werd totaal onder de voet gelopen, wat hij niet overleefde. De keuken werd bestormd. Niemand had oog voor de ander. Sommigen zouden zijn doodgedrukt op de trap naar boven. Daar lag het warme brood nog in de oven. Er waren er die zich niet konden beheersen: ze pakten een stuk vet en begonnen te likken. Er waren erbij, die deze overvloed niet aan konden: ze stierven aan hun vraatzucht. Dood rolden ze de trap af.<\/p>\n\n\n\n<p>De Nederlandse gevangene John Waller, ook afkomstig uit Celle, beschrijft eind 1945 de bestorming van de keuken: \u201cThere is nothing human in this roaring torrent of bodies, screaming, biting, yelling, trying to squeeze through the door of the cookhouse\u201d<a href=\"#_edn35\" id=\"_ednref35\">[35]<\/a>. Trampenau schrijft in 1995, dat de bevrijde gevangenen buiten op open vuur de vette konijnen van de bewakers braadden<a href=\"#_edn36\" id=\"_ednref36\">[36]<\/a>. Ook Hausser herinnert zich natuurlijk de bevrijding. Op een morgen hoorden ze het geluid van pantserwagens die door de straten bij de gevangenis reden: de Amerikanen waren gearriveerd. Een uur later werden de cellen geopend. Iedereen moest zich op de binnenplaats verzamelen. Je hoeft de cel niet meer in, werd hen verteld, maar de Amerikaanse frontsoldaten konden de gevangenen niet laten gaan. Vervolgens werd de bakkerij bestormd. Men rukte de stukken brood bij elkaar uit de hand. Hausser schreef toen in zijn dagboek: \u201cIch habe das Tier im Menschen erlebt\u201d. Hij wilde de gevangenis verlaten zoals hij binnengekomen was: via de poort, en niet door met een ladder over de muur te klimmen, zoals een groep criminelen eerder had gedaan. Toen kwamen de Engelsen. Die wilden hem pas laten gaan als ze zijn gevangenispapieren hadden, maar die lagen nog in Celle. Dankzij twee hulpagenten kon hij eindelijk naar buiten<a href=\"#_edn37\" id=\"_ednref37\">[37]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Jean-Luc Bellanger herinnert zich ook, hoe de keuken werd bestormd. Daarvoor hadden de gevangenen op de deuren van hun cellen geslagen en geschreeuwd, totdat een groep mannen met de sleutels kwam. Onder hen de enige Engelstalige gevangene, Bert Gallichan van het eiland Jersey. De gevangenisvarkens werden onmiddellijk geslacht en op open vuren gebraden. Alles wat eetbaar was, werd geplunderd en opgegeten. Vele zwaar ondervoede gevangenen werden door het veel te vette eten ziek. Gallichan werd door de Amerikanen tot directeur benoemd, in afwachting van de Britten, die het beheer zouden overnemen. Alle bewakers waren gevlucht, op \u00e9\u00e9n na: hij probeerde de opgeslagen kleding van de gevangenen zo goed en kwaad als het kon eerlijk te verdelen. De Amerikanen hadden bij aankomst de poorten geopend, en veel criminelen gingen er vandoor. Bellanger trof niet veel later enkele criminelen aan die in dorpen in de omgeving politiechef waren geworden. Pas jaren later vernam hij, dat ook enkele Franse medegevangenen direct de gevangenis hadden verlaten. Ze hadden van burgers kleding en fietsen in beslag genomen, en waren zo naar huis teruggekeerd, lang voordat de officieel gerepatrieerden thuiskwamen<a id=\"_ednref38\" href=\"#_edn38\">[38]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>De sinds enkele dagen fungerende gevangenisarts Walter Kalth\u00f6ner schreef, dat de Amerikanen ongeveer honderd gevangenen direct lieten gaan, en dat de andere gevangenen zich vrij konden bewegen binnen het complex. De sanitaire situatie was slecht. In een ruimte zaten bijvoorbeeld zo\u2019n tweehonderd gevangenen bij elkaar, die allen op sterven na dood waren. Hij slaagde erin zeven gevangenen in het hospitaal op te laten nemen. De anderen zouden zijn gestorven<a href=\"#_edn39\" id=\"_ednref39\">[39]<\/a>.<\/p>\n\n\n\n<p>Velder was erbij, toen de verstopte valbijl weer werd opgegraven. Hij had de bijl zelfs in zijn handen. Ook bekeek hij voor het eerst het executiegebouwtje vanbinnen. In de dodencellen lag een laag stront, de executieruimte zelf was bedekt met bloed.<\/p>\n\n\n\n<h1 class=\"wp-block-heading has-medium-font-size\">VIII.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Thuiskomst.<\/h1>\n\n\n\n<p>Op 27 februari 1946 meldde het informatiebureau van het Nederlandsche Roode Kruis aan de familie Kentie op de Noorderhavenkade 44b te Rotterdam, dat een opsporingsteam van het Rode Kruis had ontdekt, dat \u201cCornelis Kentje\u201d op 6 april 1945 van het tuchthuis Celle naar Wolfenb\u00fcttel was overgebracht. Verdere gegevens ontbraken echter. Wist de familie meer? Op 5 maart 1946 werd het schrijven ontvangen en per kerende post schreef mijn vader zelf terug, dat hij geen Kentje maar Kentie heet. In de nacht van 5 op 6 april 1945, zo meldde hij, was hij inderdaad op transport gesteld naar Wolfenb\u00fcttel. Hij kwam er \u2019s middags aan. Enkele dagen later werd hij door Amerikaanse troepen bevrijd. Hij is toen gaan lopen naar Hannover (een afstand van circa 80 km), waar hij enkele dagen over deed. Hij werd vervolgens opgenomen in het <em>Krankenhaus Ricklingen <\/em>(voor en na de nazitijd <em>Siloah <\/em>geheten). Dat deels weggebombardeerde ziekenhuis had toen 280 bedden. Ongeveer op dezelfde dag arriveerde de Joodse Amsterdammer Herman Lissing bij het ziekenhuis. Hij had Auschwitz overleefd en was te werk gesteld in kamp Mittelbau-Dora. Alle bedden waren bezet door Duitse soldaten en burgers. Een Amerikaanse kolonel dreigde vervolgens de directeur en zijn staf dood te schieten als er niet binnen tien minuten een bed vrijkwam. Lissing werd op dezelfde dag als mijn vader ontslagen, en zal dus in hetzelfde transport naar Eindhoven hebben gezeten. Dat was een goederentrein, die zeer geregeld onderweg halt moest houden. Het was de eerste trein met vrijgelaten gevangenen en dwangarbeiders, die de Nederlandse grens overkwam. Mijn vader schreef, dat het transport op 9 mei uit Hannover vertrok en na twee dagen in Eindhoven aankwam. Daar bracht hij enige weken in de omgeving door. Op 12 juni 1945 kwam hij weer thuis in Rotterdam<a id=\"_ednref40\" href=\"#_edn40\">[40]<\/a>. Hij werd kort na thuiskomst opgenomen in het hulpziekenhuis van het Rode Kruis aan de Mecklenburglaan in Kralingen, waar hij nog tien weken verbleef: hij was in het Duitse ziekenhuis niet volledig genezen.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text has-media-on-the-right is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:auto 42%\"><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Hulpziekenhuis Mecklenburglaan.<\/p>\n<\/div><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"640\" height=\"459\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noodhospitaal-Mecklenburglaan.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-188 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noodhospitaal-Mecklenburglaan.jpg 640w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noodhospitaal-Mecklenburglaan-300x215.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 640px) 100vw, 640px\" \/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>Daarna was hij nog steeds niet helemaal hersteld, maar het ging steeds beter. Op 11 december ging hij weer aan het werk bij de PTT<a id=\"_ednref41\" href=\"#_edn41\">[41]<\/a>. Hij had in het ziekenhuis mijn moeder ontmoet. &nbsp;Ze was er hulpverpleegster. Op 12 november 1946 trouwden ze. Zo\u2019n zeven maanden later werd mijn oudste broer geboren.<\/p>\n\n\n\n<p>Het einde van de oorlog betekende overigens niet, dat mijn vader van zijn straf af was. Op 5 juli 1945 constateerde de <em>Oberstaatsanwalt<\/em> in Hannover, dat Kentie nog 7 jaar en 10 maanden moest zitten, tot 20 mei 1953. Maar waar was hij? Tuchthuis Celle meldde, dat <em>Coneluis<\/em> <em>Kentje<\/em> was overgeplaatst naar Wolfenb\u00fcttel. Op 21 februari 1946 vroeg de <em>Oberstaatsanwalt<\/em> aan de gevangenisautoriteiten, of Cornelius Kentie zich daar nog bevond. Op 1 maart antwoordde men, dat hij er vandoor was. Op 18 maart 1946 werd het dossier uiteindelijk officieel gesloten: het zag er immers niet naar uit, dat Kentie weer gegrepen kon worden. Hij was bij de invasie van de geallieerden uit gevangenschap verdwenen en waarschijnlijk naar zijn vaderland teruggebracht. Aanbevolen werd te doen alsof hij vrijgelaten was op basis van een besluit van de militaire regering. Het had&nbsp;weinig zin om de zaak verder te onderzoeken.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:30% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1024\" height=\"1014\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45-1024x1014.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-189 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45-1024x1014.jpg 1024w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45-300x297.jpg 300w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45-150x150.jpg 150w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45-768x761.jpg 768w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Noorderhavenkade-april-45.jpg 1137w\" sizes=\"auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\">Noorderhavenkade, april 1945.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Pas op 26 juli 1947 kreeg mijn vader weer een vaste aanstelling. Toen hij dacht 25 jaar in overheidsdienst te zijn, bleek dat de PTT de jaren van zijn gevangenschap niet meetelde. Hij was als reactie daarop een jaar ziek thuis. Bij zijn pensioen als briefsorteerder (&#8216;expediteur 2<sup>e<\/sup> klasse&#8217;) kreeg hij een kalenderstandaard, waaraan een ieder jaar te ontvangen losbladige kalender voor gepensioneerde PTT\u2019ers gehangen kon worden. Op de standaard stonden zijn dienstjaren vermeld: twee aaneengesloten periodes met een nadrukkelijk hiaat, bestaande uit zijn oorlogsjaren. Toch stond deze standaard gewoon in de kamer. Mijn broer Martin weet zich nog iets anders te herinneren. Bij de offici\u00eble plechtigheid vanwege zijn pensionering kreeg hij van de PTT ook een oorkonde, met daarop vermeld zijn dienstjaren. Thuisgekomen in de flat in Ommoord smeet mijn vader deze oorkonde vanaf het balkon naar beneden.<\/p>\n\n\n\n<p>In de eerste versie van dit verhaal schreef ik, dat mijn vader zelden iets zei over zijn oorlogsjaren (zoals zovelen in die tijd). Ik vermeldde toen ook, dat hij eens vertelde Ernst Th\u00e4lmann te hebben gezien. Het lukte mij lang niet om te bedenken waar dat dan geweest zou zijn. Totdat ik ontdekte, dat hij en Th\u00e4lmann beiden in de gevangenis van Hannover hebben gezeten. Ook zei hij ooit, dat hij in Bergen-Belsen was geweest. Toen mijn broer en ik voor het eerst zijn sporen in Duitsland probeerden na te gaan, bezochten we ook het herdenkingsoord in Bergen-Belsen. Zijn naam stond nergens geregistreerd. Dat was heel anders in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel, wat al duidelijk was geworden uit zijn bij het NIOD belandde gevangenisdossier. Daar had hij gezeten, en in tuchthuis Celle, zo was uit de documenten gebleken.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-media-text is-stacked-on-mobile\" style=\"grid-template-columns:43% auto\"><figure class=\"wp-block-media-text__media\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"493\" height=\"192\" src=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Trouw-25-6-1945.jpg\" alt=\"\" class=\"wp-image-190 size-full\" srcset=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Trouw-25-6-1945.jpg 493w, https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Trouw-25-6-1945-300x117.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 493px) 100vw, 493px\" \/><\/figure><div class=\"wp-block-media-text__content\">\n<p class=\"has-small-font-size\"><em>Trouw<\/em>, 25-6-1945.<\/p>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n<p>Pas recent (in 2023) begon mij te dagen, dat hij lang gedacht moet hebben dat hij in Bergen-Belsen was opgesloten. Bergen-Belsen heette direct na de oorlog in de Nederlandse pers &#8216;Kamp Celle&#8217;. Daar waren de omstandigheden gruwelijk geweest, vermeldden de kranten. Dat herkende hij: hij zat in Celle in gruwelijke omstandigheden. Dat verklaart ook een ander raadsel: ik wist, dat hij een hekel had aan Abel Herzberg. Die noemde hij een leugenaar. Ik ging, als scholier, de boeken van Herzberg lezen, en snapte absoluut niet, waarop hij zijn oordeel had gebaseerd. Herzberg overleefde Bergen-Belsen. Mijn vader moet vastgesteld hebben, dat Herzbergs verslag absoluut niet rijmde met zijn herinneringen. Ik denk, dat pas in 1976, toen hij voor het eerst wat uitgebreider over zijn oorlogsverleden moest spreken bij de SVB, het kwartje viel.<\/p>\n\n\n\n<p>In 1976 deed hij namelijk een beroep op de Wet Uitkering Vervolgingsslachtoffers (de WUV) voor een aanvullende uitkering. De Pensioen- en Uitkeringsraad moest daarover een beslissing nemen. Een sociaal werker van Stichting 40-45 stelde een rapport op en er werd contact gelegd met ITS Arolsen via het Rode Kruis en zijn werkgever, de PTT. Het Rode Kruis adviseerde om hem geen uitkering te verstrekken, hoewel zo&#8217;n advies niet de taak van het Rode Kruis was. Een belangrijk argument was, dat mijn vader ook geen beroep had gedaan op de oudere CADSU-regeling. Ik denk, dat hij hier niets van wist, en dat hij pas in 1976 voor het eerst met een buitenstaander over zijn oorlogsverleden sprak. Hij vertelde de sociaal rapporteur van Stichting 40-45, dat hij zijn belevenissen uit de oorlog liever wilde vergeten. Hij was nog steeds onder controle vanwege zijn tbc en had aan die ziekte een vergroeid borstbeen overgehouden. Ook was hij altijd zeer nerveus gebleven, maar de sociaal werker zag een &#8216;kalme enigszins terughoudende man&#8217; voor zich. Mijn vader kon zijn verhaal niet door getuigen laten bevestigen. Hij vertelde niets over de doodstraf; de naam Wolfenb\u00fcttel noemde hij niet. Die gegevens stonden overigens wel in het summiere maar correcte overzicht dat ITS Arolsen had aangeleverd. Daarin stond correct, dat mijn vader ter dood was veroordeeld vanwege het jatten uit veldpostpakketten, en dat hij onder andere in de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel had gezeten. De PTT meldde, dat ze over hem maar summiere gegevens hadden, maar dat hij vanwege de Wet Rechtsherstel Overheidspersoneel van 1946 met terugwerkende kracht op 7 december 1943 was ontslagen. De PTT nam dus de veroordeling van het Sondergericht over, en strafte mijn vader nog eens extra door hem te ontslaan. Hij kwam niet in aanmerking voor de WUV, en dat lijkt ook logisch, omdat die uitkering voor zeer beperkte groepen was bedoeld.<\/p>\n\n\n\n<p>In 1984 werd de Wet uitkering burgerslachtoffers 1940-1945 van kracht, speciaal bedoeld voor groepen burgers die niet in aanmerking kwamen voor de eerdere uitkeringen. Hij hoorde vast en zeker tot de doelgroep. Die wet zorgde onder veel restricties voor (beperkte) uitkeringen. Kwam je niet in aanmerking voor geldelijke ondersteuning, dan kon je dankzij die wet toch erkend worden als burgerslachtoffer. Ik denk, dat hij geen beroep heeft gedaan op deze wet, als hij er al van wist. Hij had wellicht ook recht op compensatieregelingen die de Duitse staat had voor door Sondergerechte veroordeelden en voor ex-tuchthuisgevangenen, die immers onder dwang onbetaald zwaar werk hadden verricht. Geen enkele instantie heeft hem daarop gewezen. In 1998 nam het Duitse parlement de <em>Gesetz zur Aufhebung nationalsozialistischer Unrechtsurteile in der Strafrechtspflege<\/em> aan: veel veroordelingen, waaronder alle op basis van de <em>Volkssch\u00e4dlingsverordnung<\/em>, werden herroepen<a href=\"#_edn42\" id=\"_ednref42\">[42]<\/a>. Zijn veroordeling was een politieke veroordeling geweest, uitgesproken door Nazi-rechters op basis van Nazi-wetgeving (met dank aan de heer Veth van Stichting Pelita).<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\"><strong>\u00a9 Theo Kentie, 2011, 2023.<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size\"><strong>Bronnen, eindnoten: pagina 2.<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>Vragen, opmerkingen, correcties, aanvullingen?<\/p>\n\n\n\n<p>Reageer!<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-jetpack-contact-form\" style=\"padding-top:16px;padding-right:16px;padding-bottom:16px;padding-left:16px\">\n\n<div>\n\n\r\n\r\n\n<\/div>\n\n\r\n\r\n\n<div>\n\n\r\n\r\n\n<\/div>\n\n\r\n\r\n\n<div>\n\n\r\n\r\n\n<\/div>\n\n\r\n\r\n\n<\/div>\n\n\n\n<!--nextpage-->\n\n\n\n<p>De volgende archieven zijn geraadpleegd:<\/p>\n\n\n\n<ul class=\"wp-block-list\">\n<li>NIOD, Amsterdam. Daar bevindt zich het gevangenisdossier van mijn vader, het archief van de Deutsche Post in die Niederl\u00e4nde en enkele andere relevante bronnen.<\/li>\n\n\n\n<li>Stadsarchief Rotterdam (SAR). Het archief van dominee Stam bevat twee brieven en een briefkaart van de hand van mijn vader.<\/li>\n\n\n\n<li>Nationaal Archief ( NL-HaNa) , Den Haag, Staatsbedrijf der PTT: Archief van W.L.Z. van der Vegte Directeur-Generaal der PTT, 1941-1945, nummer toegang 2.16.78.03.<\/li>\n\n\n\n<li>Nieders\u00e4chsische Hauptstaatsarchiv, Hannover. Daar bevindt zich een dossier van mijn vader, afkomstig van de Staatsanwaltschaft (Openbaar Ministerie) te Hannover.<\/li>\n\n\n\n<li>Nieders\u00e4chsisches Landesarchiv (NLA), Hannover.<\/li>\n\n\n\n<li>Stadtarchiv Wolfenb\u00fcttel. Aldaar is het gevangenisboek van de gevangenis te Wolfenb\u00fcttel.<\/li>\n\n\n\n<li>Stadtarchiv Hannover. Daar bevindt zich een persoonskaart van mijn vader, met zijn woonadressen in Hannover.<\/li>\n\n\n\n<li>Archief Rode Kruis te Den Haag. Daar bevindt zich een brief van mijn vader en documenten over tuchthuis Celle. Tegenwoordig bevindt dit archief zich bij het Nationaal Archief.<\/li>\n<\/ul>\n\n\n\n<p>Met mijn broer Martin sprak ik met de heer Velder uit Houten, die de bevrijding van de gevangenis Wolfenb\u00fcttel meemaakte. Velder was als oud-Indi\u00ebstrijder een luisterend oor voor mannen die als gevolg van gebeurtenissen tijdens de politionele acties waren getraumatiseerd.&nbsp; Maar zijn Wolfenb\u00fcttel-tijd had hij totaal verdrongen: hij had er tot ons gesprek met niemand meer over gesproken!<\/p>\n\n\n\n<p>Martin en ik bezochten de gevangenissen te Wolfenb\u00fcttel en Celle, en werden zeer geholpen door de heer Wilfried Knauer, die toen de gedenkplaats in de gevangenis te Wolfenb\u00fcttel beheerde. Ook is hij de auteur van enkele boeken over de executiegevangenis te Wolfenb\u00fcttel. Zijn opvolger, Martina Staats, en haar team hebben van de <em><a href=\"https:\/\/wolfenbuettel.stiftung-ng.de\/de\/ueber-uns\/team\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Gedenkst\u00e4tte in der JVA Wolfenb\u00fcttel <\/a><\/em>een indrukwekkend herdenkingscentrum gemaakt.  Bij met name Janna L\u00f6lke kon ik altijd terecht met vragen en opmerkingen.<\/p>\n\n\n\n<p>De heer Dr. Wolf-Dieter Mechler van het stadsarchief te Hannover gaf ons uit de eerste hand informatie, speurde voor ons mijn vaders persoonskaart op, en schreef een belangrijk boek over de bijzondere rechtspleging van de nazi\u2019s, waar uitgebreid gebruik van is gemaakt.<\/p>\n\n\n\n<p>Geraadpleegde literatuur.<\/p>\n\n\n\n<ul class=\"wp-block-list\">\n<li>Janet Ansch\u00fctz und Irmtraud Heike, <em>Feinde im eigenen Land; Zwangsarbeit in Hannover im Zweiten Weltkrieg. <\/em>2. Auflage. Bielefeld: Verlag f\u00fcr Regionalgeschichte, 2000.<\/li>\n\n\n\n<li>Jean-Luc Bellanger<em>\u201a Feindbeg\u00fcnstigung; als politischer H\u00e4ftling im Strafgef\u00e4ngnis Wolfenb\u00fcttel. <\/em>Schriftenreihe der Gedenkst\u00e4tte in der JVA Wolfenb\u00fcttel. G\u00f6ttingen: Wallstein Verlag, 2018.<\/li>\n\n\n\n<li>Igor Cornelissen, <em>Mathieu Smedts; de katholiek die Vrij Nederland redde.<\/em> Amsterdam: Nijgh &amp; Van Ditmar, 2006.<\/li>\n\n\n\n<li>Reinhard F\u00f6rsterling u.a., <em>Wolfenb\u00fcttel unter dem Hakenkreuz; f\u00fcnf Vortr\u00e4ge.<\/em> Wolfenb\u00fcttel: Stadt Wolfenb\u00fcttel, 2000.<\/li>\n\n\n\n<li>Bernhard Hartung, <em>Durch Licht und Finsternis; 1904 bis 1985; ein Arzt erz\u00e4hlt sein Leben.<\/em> Vechta: Vechtaer Druckerei und Verlag GmbH &amp; Co., 1986.<\/li>\n\n\n\n<li>Alfred Hausser, Interview 43805. Visual History Archive. USC Shoah Foundation. Transkript Freie Universit\u00e4t.<\/li>\n\n\n\n<li>Alfred Hauser, <em>Meine Hafterlebnisse w\u00e4hrend des 3. Reichen<\/em>. Ongedateerd typoscript Berlin. 2012.<\/li>\n<\/ul>\n\n\n\n<ul class=\"wp-block-list\">\n<li>Martin Hirsch u.a. (Hrsg.), <em>Recht, Verwaltung und Justiz; ausgew\u00e4hlte Schriften, Gesetze und Gerichtentscheidungen von 1933 bis 1945 mit ausf\u00fchrlichen Erl\u00e4uterungen und Kommentierungen.<\/em> 2. Unver\u00e4nderte Aufl.&nbsp; Baden-Baden: Nomos Verlagsgesellschaft, 1997.<\/li>\n\n\n\n<li>L. de Jong, <em>Het koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog<\/em>. 14 delen in 30 banden. &nbsp;\u2019s-Gravenhage: Martinus Nijhoff, 1969-1991.<\/li>\n\n\n\n<li>Pieter de Jong, <em>Sores en zegen; mijn verhaal met de kerk<\/em>. Utrecht: Veen, Bosch &amp; Keuning, 2018.<\/li>\n\n\n\n<li>Wilfried Knauer, <em>Nationalsozialistischer Justiz und Todesstrafe; eine Dokumentation zur Gedenkst\u00e4tte in der Justizvollzuganstalt Wolfenb\u00fcttel.<\/em> Hannover: Nieders\u00e4schsisches Justizministerium, 1990.<\/li>\n\n\n\n<li>Wolfgang Lotz und Gerd R. Uebersch\u00e4r, <em>Die Deutsche Reichspost; 1933 \u2013 1945.<\/em> 2 B\u00e4nde. Z.pl.: Nicolai, 1999.&nbsp;&nbsp;&nbsp;<\/li>\n\n\n\n<li>Wolf-Dieter Mechler, <em>Kriegsalltag an der \u201aHeimatfront\u2018; das Sondergericht Hannover 1939-1945.<\/em> Hannoversche Studien, Band 4. Hannover: Klaus Mlynek, 1997.<\/li>\n\n\n\n<li>Hinke Piersma (red.), <em>Mensenheugenis; terugkeer en opvang na de Tweede Wereldoorlog. Getuigenissen.<\/em> Amsterdam: Bert Bakker, 2001.<\/li>\n\n\n\n<li>Reinhard Rohde (2003): Nieders\u00e4chsische Juristen. Ein biographisches Lexikon; in: Revista 21, Dez.&nbsp; 2003 \/ Jan. 2004, S. 14).<\/li>\n\n\n\n<li>Reinhard Rohde und Tim Wegener, <em>Celle im Nationalsozialismus; ein topographischer \u00dcberblick<\/em>. Celle: RWLE M\u00f6ller Stiftung, 2007.<\/li>\n\n\n\n<li>Mathieu Smedts (samenstelling), <em>Den Vaderland getrouwe; een boek over oorlog en verzet samengesteld door Mathieu Smedts en geschreven door mensen die beleefd hebben wat ze schreven.<\/em> Amsterdam: De Arbeiderspers, 1962.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;<\/li>\n\n\n\n<li>Mathieu Smedts, <em>Waarheid en leugen in het verzet.<\/em> Maasbree: Corrie Zelen, 1978.<\/li>\n\n\n\n<li>D.J. Smit, <em>Onder de vlaggen van Zweden en het Rode Kruis; het leven van Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940 \u2013 1945<\/em>. Den Haag: D.J. Smit, 1997.<\/li>\n\n\n\n<li>Richard Trampenau, \u201eEinige Erlebnisse w\u00e4hrend meiner Strafzeit im Zuchthaus Celle\u201c. Ca. 1946.<\/li>\n\n\n\n<li>Richard Trampenau, \u2018Aus dem Zuchthaus ins befreite Wilhelmsnurg\u2019. In: Hans-Joachim Meyer (Red.), <em>Demokratie in kurzen Hosen; Interviews und Berichte zur Befreiung Harburgs und Wilhelmsburgs vom Faschismus.<\/em> Hamburg-Harburg, VVN Kreisvereinigung Harburg, 1995. P. 45-51.<\/li>\n\n\n\n<li>Karl Tuttas, <em>Einer von jenen; Erinnerungen. <\/em>Halle-Leipzig: Mitteldeutscher Verlag, 1980.<\/li>\n\n\n\n<li>G. van Veldhuizen e.a., <em>Het nevelgordijn opgetrokken: de classis Rotterdam der Nederlandsch Hervormde Kerk tijdens den oorlog.<\/em> Rotterdam: W.L. &amp; J. Brusse, 1946.<\/li>\n\n\n\n<li>J.G. Visser, <em>PTT 1940 \u2013 1945; beleid en bezetting.<\/em> Proefschrift. \u2019s-Gravenhage: Staatsbedrijf der PTT, 1968.<\/li>\n\n\n\n<li>Nikolaus Wachsmann, <em>Hitlers gevangenissen; de rechtsorde in nazi-Duitsland.<\/em> Z.pl.: De Bezige Bij\/Manteau, 2005.<\/li>\n\n\n\n<li>Anton Wanders, <em>Dagboek van de Hannovertijd. (Verslag over mijn verblijf in Hannover).<\/em> Bewerkt door Frans Anink. Uitgave in eigen beheer.<\/li>\n\n\n\n<li>A.A. Wildschut, <em>Welkom thuis! Een eerlijk gesprek met allen die uit den vreemde terugkeren.<\/em> Brochure. Den Haag: J.N. Voorhoeve, 1945.<\/li>\n<\/ul>\n\n\n\n<p>&nbsp;Noten.<\/p>\n\n\n\n<hr class=\"wp-block-separator has-alpha-channel-opacity\"\/>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref1\" id=\"_edn1\">[1]<\/a> Brief Min. van Defensie, 12 mei 2011. NL-HaNa, 2.13.98 Inventaris van het archief van het Ministerie van Defensie: Collectie betreffende krijgsgevangenen, 1940-1946. Inv.nr. &nbsp;3-15: Stalag IId: Stargard.<\/p>\n\n\n\n<p>D.J. Smit (1997), p. 53-55.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref2\" id=\"_edn2\">[2]<\/a> Personenregisterkarte, Stadsarchief Hannover. Briefkaart aan dominee J.J. Stam, gedateerd 20 november 1942, SAR, archief J.J. Stam, nr. 137.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref3\" id=\"_edn3\">[3]<\/a> Brief aan ds. J.J. Stam, gedateerd 1 januari 1943. SAR, archief J.J. Stam, nr, 137.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref4\" id=\"_edn4\">[4]<\/a> NL-HaNA, PTT \/ Van der Vegte, 2.16.78.03, inv.nr. 50. Ockerse ging ook langs om klachten over de tewerkgestelden te behandelen. Zo legden ze in D\u00fcsseldorf in de kantine hun voeten op de tafel. Niet doen, laat hij weten, want wij hebben de oorlog verloren en dit laat een slechte indruk achter over ons \u201cKultuurniveau\u201d. En het leek hem niet verstandig om Russische krijgsgevangenen sigaretten te geven en te begroeten met \u201cHeil Moskou!\u201d. Zie ook: Visser (1968), p. 236-238.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref5\" id=\"_edn5\">[5]<\/a> Brief van 1 december 1942, vertaalde versie als bijlage bij brief dd. 24-12-1942 van Van der Vegte aan Dr. Linnemeyer, Beauftragter f\u00fcr den Post- und Fernmeldewesen in Nederland. NIOD, coll. 53, 29c.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref6\" id=\"_edn6\">[6]<\/a> Brief aan ds. J.J. Stam, gedateerd 25 januari. SAR, archief J.J. Stam, nr. 137. Op dit adres in nog steeds een opleidingsinstituut van de Deutsche Post (en van Deutsche Telekom) gevestigd. De hoofdingang is afgesloten, er is geen huisnummer. Een deel van de reli\u00ebfs lijkt verwijderd. Over het gebouw: Heinz Drangmeister, <em>Die Post im Hannoverschen. Hannover<\/em>, 1967. P. 107, 117.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref7\" id=\"_edn7\">[7]<\/a> In 2001. In 2018 werd het pand verbouwd tot appartementen.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref8\" id=\"_edn8\">[8]<\/a> Dr. Gernot Stein (24-8-1912) was directeur van het Landesgericht te Celle. Na de oorlog klom hij op tot Senatspr\u00e4sident van het Oberlandesgericht te Celle. Ook Hamelberg en Wilhelm Schmedes (1899-1978) vervolgden na de oorlog hun carri\u00e8re tot in de jaren zestig. Mechler, p. 17-18 (n. 15). Schmedes sprak circa 80 keer de doodstraf uit, maar dat belette hem niet om directeur van het Landesgericht in Hannover te worden. In 1962 werd zijn nazi-verleden onthuld. Hij ging daarop met pensioen (Rohde (2003).<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref9\" id=\"_edn9\">[9]<\/a> Fritz Hille (4 maart 1907) was na de oorlog Oberstaatsanwalt te Detmold.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref10\" id=\"_edn10\">[10]<\/a> Wachsmann (2005), p. 109, 187.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref11\" id=\"_edn11\">[11]<\/a> Mechler (1997), p. 31-46.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref12\" id=\"_edn12\">[12]<\/a> \u00a74. &#8220;Iedereen die opzettelijk een ander strafbaar feit begaat, gebruik makend van de uitzonderlijke omstandigheden veroorzaakt door de staat van oorlog, wordt boven de normale straf veroordeeld tot een tuchthuisstraf van maximaal 15 jaar, met een levenslange tuchthuisstraf of de dood, als het gezonde volksgevoel dit vereist vanwege de bijzondere verwerpelijkheid van de overtreding\u201d.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref13\" id=\"_edn13\">[13]<\/a> Knauer (1990), p. 81.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref14\" id=\"_edn14\">[14]<\/a> Heinz Boberach, <em>Meldungen aus dem Reich 1938-1945; die geheimen Lageberichte des Sicherheitsdienstes der SS<\/em>. Hersching: Pawlak Verlag, 1985. P. 1971. Geciteerd in Mechler, p. 168 (n. 505).<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref15\" id=\"_edn15\">[15]<\/a> Mechler (1997), p. 169.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref16\" id=\"_edn16\">[16]<\/a> \u201cAan het front blijdschap te bezorgen en hen de zekerheid geven, dat het Vaderland aan hen denkt\u201d.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref17\" id=\"_edn17\">[17]<\/a> Knauer (2000), p. 85-86.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref18\" id=\"_edn18\">[18]<\/a> Knauer (1990), p. 37. Gevangenisaalmoezenier Unverhau noemt in 1946 echter mei 1943: ibidem, p. 42.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref19\" id=\"_edn19\">[19]<\/a> Smedts (1962), p. 57. Al enkele maanden na de bevrijding schreef hij over Wolfenb\u00fcttel, als voorgeborchte voor de dood. Zie bij voorbeeld: <em>de Volkskrant<\/em>, 23-8-1945. Merkwaardig is, dat de gevangenis van Wolfenb\u00fcttel niet in het standaardwerk van De Jong voorkomt. Lou de Jong was medewerker geweest van <em>Vrij Nederland<\/em>, terwijl Mathieu Smedts van dat weekblad de hoofdredacteur was.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref20\" id=\"_edn20\">[20]<\/a> In zijn dossier, aanwezig in het Nieders\u00e4chsische Hauptstaatsarchiv te Hannover (Hann. 171A, nr. 638) is een afschrift van deze beschikking aanwezig, gedateerd 9 november 1944. De Staatsanwalt had daar op 26 mei 1944 om gevraagd omdat de originele stukken door \u2018Feindeinwirkung\u2019 vernietigd waren.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref21\" id=\"_edn21\">[21]<\/a> Wanders (z.j.), p. 41.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref22\" id=\"_edn22\">[22]<\/a> Bellanger (2018), p. 108-109.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref23\" id=\"_edn23\">[23]<\/a> Dit huis werd gebouwd met publiek geld om de criminelen te bestraffen en de dwazen en de gekken te bewaken.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref24\" id=\"_edn24\">[24]<\/a> De Jong (1978).Deel 8, eerste helft, p.380.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref25\" id=\"_edn25\">[25]<\/a> Richard Trampenau, \u201eEinige Erlebnisse w\u00e4hrend meiner Strafzeit im Zuchthaus Celle\u201c. Ca. 1946. Typoscript, in doorslag aanwezig bij het NIOD.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref26\" id=\"_edn26\">[26]<\/a> De Jong (1969 \u2013 1991), deel 8, eerste helft, pag. 379 ev.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref27\" id=\"_edn27\">[27]<\/a> De Jong (1969 &#8211; 1981). Deel 10b, tweede helft, p. 1187.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref28\" id=\"_edn28\">[28]<\/a> Manfred Overesch, Bosch in Hildesheim, 1937-1945: Freies Unternehmertum und Nationalsozialistische R\u00fcstungspolitik. G\u00f6ttingen. 2008.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref29\" id=\"_edn29\">[29]<\/a> Karl Tuttas (1980), p. 257. Tuttas was een Duitse communistische verzetsstrijder., die eind jaren dertig twee keer een korte periode in Celle vastzat.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref30\" id=\"_edn30\">[30]<\/a> Data afkomstig uit brief Rode Kruis, Oorlogsnazorg aan mij, begin 2003 (eerste bladzijde ontbreekt).<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref31\" id=\"_edn31\">[31]<\/a> http:\/\/www.celle-im-nationalsozialismus.de\/Stationen\/Zuchthaus.html<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref32\" id=\"_edn32\">[32]<\/a> Richard Trampenau, \u201eEinige Erlebnisse w\u00e4hrend meiner Strafzeit im Zuchthaus Celle\u201c. Ca. 1946. Typoscript. Alfred Hauser,&nbsp;<em>Meine Hafterlebnisse w\u00e4hrend des 3. Reichen<\/em>. Ongedateerd typoscript. Aanwezig in het VVN-Archiv Stuttgart. Alfred Hauser, Transkript zum Visual History Archive USC Shoah Foundation Interview 43805. Freie Universit\u00e4t Berlin, 2012. Interv. von Marianna Bergida. Ort: Stuttgart, Datum: 23-04-1998. Transkr. von J\u00f6rg Zabel. John Waller, \u2018Sommerweste f\u00fcr starke Figuren\u2019. In:&nbsp;<em>Fisons Journal<\/em>, January 1946. Hans (\u2018John\u2019) Waller, Brief aan J. Broekema, 11 juli 1963. Richard Trampenau, \u2018Aus dem Zuchthaus ins befreite Wilhelmsnurg\u2019. In: Hans-Joachim Meyer (Red.),&nbsp;<em>Demokratie in kurzen Hosen<\/em>;&nbsp;<em>Interviews und Berichte zur Befreiung Harburgs und Wilhelmsburgs vom Faschismus.<\/em>&nbsp;Hamburg-Harburg, VVN Kreisvereinigung Harburg, 1995. P. 45-51. Deze laatste bron is zeer problematisch. 50 jaar eerder typte Trampenau een verslag, dat op wezenlijke punten verschilt van zijn herinneringen in 1995.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref33\" id=\"_edn33\">[33]<\/a> NLA WO, 42 A Neu Fb.3 N.123, Bl. 69, Bericht Oberverwalter Willi R\u00f6bbeling vom 5.11.1945. NLA WO, 42 A Neu Fb. 3 Nr. 123, Bl. 24\/25, schriftliche Aussage Kassenbeamter Hugo Neubauer.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref34\" id=\"_edn34\">[34]<\/a> Smedts (1978), p. 147-152.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref35\" id=\"_edn35\">[35]<\/a> Waller (1946), p. 8.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref36\" id=\"_edn36\">[36]<\/a> Trampenau (1995), p. 46. Dit verslag wijkt op hoofdpunten af van Trampenaus verslag, geschreven kort na de bevrijding.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref37\" id=\"_edn37\">[37]<\/a> Hausser, USC interview, p. 38-39 (0:16:00 tot 0:18:00).<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref38\" id=\"_edn38\">[38]<\/a> Bellanger (2018), p. 231-235.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref39\" id=\"_edn39\">[39]<\/a> Nieders\u00e4chsisches Landesarchiv in Wolfenb\u00fcttel (42 A Neu Fb. 3 Nr. 123).<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref40\" id=\"_edn40\">[40]<\/a> Archief Rode Kruis, Den Haag inmiddels NA)..<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref41\" id=\"_edn41\">[41]<\/a> Sociale Verzekeringsbank, Sociaal rapport (vanwege afgewezen aanvraag vervolgdenpensioen). 23 november 1976.<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"#_ednref42\" id=\"_edn42\">[42]<\/a> Gesetz zur Aufhebung nationalsozialistischer Unrechtsurteile in der Strafrechtspflege (1998):<\/p>\n\n\n\n<p><strong>\u00a7 1<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>Durch dieses Gesetz werden verurteilende strafgerichtliche Entscheidungen, die unter Versto\u00df gegen elementare Gedanken der Gerechtigkeit nach dem 30. Januar 1933 zur Durchsetzung oder Aufrechterhaltung des nationalsozialistischen Unrechtsregimes aus politischen, milit\u00e4rischen, rassischen, religi\u00f6sen oder weltanschaulichen Gr\u00fcnden ergangen sind, aufgehoben. Die den Entscheidungen zugrunde liegenden Verfahren werden<\/p>\n\n\n\n<p>eingestellt.<\/p>\n\n\n\n<p><strong>\u00a7 2<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>Entscheidungen im Sinne des \u00a7 1 sind insbesondere<\/p>\n\n\n\n<p>1. Entscheidungen des Volksgerichtshofes,<\/p>\n\n\n\n<p>2. Entscheidungen der aufgrund der Verordnung \u00fcber die Einrichtung von Standgerichten vom 15. Februar 1945 (RGBl. I S. 30) gebildeten Standgerichte,<\/p>\n\n\n\n<p>3. Entscheidungen, die auf den in der Anlage genannten gesetzlichen Vorschriften beruhen.<\/p>\n\n\n\n<p>Anlage:<\/p>\n\n\n\n<p>32. Verordnung gegen Volkssch\u00e4dlinge vom 5. September 1939 (RGBl. I S. 1679)<\/p>\n\n\n\n<p>Rotterdam, april&nbsp; 2019. V.4.1<\/p>\n\n\n\n<p>\u00a9 Theo Kentie, 2011, 2014, 2016, 2019<\/p>\n\n\n\n<p>De tekst is een verbeterde en beperkt uitgebreide versie van de uitgaves van 2011, 2014 en 2016..<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"mailto:tkentie@gmail.com\">tkentie@gmail.com<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De gevangenisfoto\u2019s van mijn vader (omslag, afb. 6, 21): \u00a9 NIOD.<\/p>\n\n\n\n<p>Foto Howard Goodkind (afb. 25): \u00a9 Tom Goodkind.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Dit verhaal is grotendeels gebaseerd op archiefonderzoek. Dit is een aangepaste en bijgewerkte versie (2023). De oude, uitgebreidere versie vind<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"parent":0,"menu_order":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"ngg_post_thumbnail":0,"footnotes":""},"class_list":["post-159","page","type-page","status-publish","hentry","comments-off"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v27.6 - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-wordpress\/ -->\n<title>De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/\" \/>\n<link rel=\"next\" href=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/2\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"nl_NL\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Dit verhaal is grotendeels gebaseerd op archiefonderzoek. Dit is een aangepaste en bijgewerkte versie (2023). De oude, uitgebreidere versie vind\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Blog4\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2026-05-04T18:24:09+00:00\" \/>\n<meta property=\"og:image\" content=\"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Geschatte leestijd\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"56 minuten\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/\",\"name\":\"De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/#website\"},\"primaryImageOfPage\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/#primaryimage\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/#primaryimage\"},\"thumbnailUrl\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/05\\\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg\",\"datePublished\":\"2026-05-04T17:39:25+00:00\",\"dateModified\":\"2026-05-04T18:24:09+00:00\",\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/\"]}]},{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\\\/#primaryimage\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/05\\\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/05\\\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg\",\"width\":800,\"height\":500},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/\",\"name\":\"Blog4\",\"description\":\"\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/www.theoken.nl\\\/blog\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"nl-NL\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/","next":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/2\/","og_locale":"nl_NL","og_type":"article","og_title":"De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4","og_description":"Dit verhaal is grotendeels gebaseerd op archiefonderzoek. Dit is een aangepaste en bijgewerkte versie (2023). De oude, uitgebreidere versie vind","og_url":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/","og_site_name":"Blog4","article_modified_time":"2026-05-04T18:24:09+00:00","og_image":[{"url":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg","type":"","width":"","height":""}],"twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Geschatte leestijd":"56 minuten"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/","url":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/","name":"De oorlogsjaren van mijn vader. - Blog4","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/#website"},"primaryImageOfPage":{"@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/#primaryimage"},"image":{"@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/#primaryimage"},"thumbnailUrl":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg","datePublished":"2026-05-04T17:39:25+00:00","dateModified":"2026-05-04T18:24:09+00:00","inLanguage":"nl-NL","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/"]}]},{"@type":"ImageObject","inLanguage":"nl-NL","@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/de-oorlogsjaren-van-mijn-vader\/#primaryimage","url":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg","contentUrl":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Rdam_Breede_Hilledijk_NL-RtSA_4029_PBK-1993-586.jpg","width":800,"height":500},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/#website","url":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/","name":"Blog4","description":"","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"nl-NL"}]}},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/159","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=159"}],"version-history":[{"count":5,"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/159\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":191,"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/159\/revisions\/191"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.theoken.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=159"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}